Meer
tussen Hemel en Aarde:
Het
besef dat er "meer is tussen hemel en aarde",
zoals wel wordt gezegd, put ik vooral uit de natuur.
De verscheidenheid en grilligheid van de natuur in
al haar verschijningsvormen laten mij beseffen dat
er meer is dan een mens kan bevatten. Dat er krachten
zijn die het voorstellingsvermogen te boven gaan.
Volgens mij zijn het dergelijke krachten die men vroeger
de naam 'God' gaf. Deze krachten of goden werden gepersonifieerd.
Zo werden ze voor de mensheid menselijker, kon je
er grip op krijgen. Dat is tenminste mijn overtuiging
- de mens schiep de goden naar zijn evenbeeld. Hetgeen
natuurlijk niet inhoudt dat de mens de natuurkrachten
heeft geschapen, maar alleen de personificatie ervan.
Ik geloof niet dat er mensgelijke wezens rondwandelen
in andere werelden die handen en voeten hebben en
zich als mensen gedragen; ik geloof wel in natuurkrachten
die werken buiten de ons bekende dimensies. Ik geloof
ook dat symboliek is aangereikt als een hulpmiddel
om de natuurkrachten -waaronder ook de krachten binnen
een samenleving- te begrijpen en te accepteren en
te kunnen hanteren. Waar nodig kan de symboliek worden
aangewend om normen en waarden van een samenleving
te bepalen, om wetten en regels te maken die een vreedzame
samenleving mogelijk maken. Zoals vroeger bij de Kelten
en Germanen vaak werd gedaan.
Het is niet
slechts rationaliseren van de goden dat ik tegenkom.
Keer op keer word ik geconfronteerd met gevoelens
van herkenning, huiselijkheid of vijandigheid als
ik in de natuur ben.
Telkens als ik in het bos bij Ede loop bijvoorbeeld
ervaar ik de dualiteit die er heerst. Aan de ene kant
van het pad het oeroude geheimzinnige bos dat donker
lijkt en aanvoelt, waar je de tinteling in de lucht
voelt hangen, en aan de andere kant van het pad het
eveneens oude bos waar het licht vrijspel heeft en
je lijkt uit te nodigen.
Het is een plek met bijzondere krachten die je laten
voelen dat er meer is dan je kunt zien.
Eenzelfde ervaring heb ik met de sterrenhemel. Hoewel
sommige mensen angstig worden voor het zien van de
onpeilbare diepte van het heelal, is het voor mij
een geruststellende, beschermende mantel van iets
goddelijks. De plek waar de goddelijke energie vandaan
komt. De hemel met haar sterren en maan, die onmetelijke
krachten huizen, geven me een gevoel van saamhorigheid.
Het zijn slechts twee voorbeelden van hoe ik de natuur
als goddelijk zie.
'Heb je het
(nieuwe) heidendom/hekserij of paganisme nodig om
de natuur te beleven?' is een gerechtvaardigde vraag.
Heidendom bevat uiteraard alle natuurreligies in zijn
definitie. Maar niet alle natuurgodsdiensten zijn
hetzelfde. Echter ook zonder godsdienstige beleving
is de natuur groots. Voor sommigen geeft religie enkel
een extra dimensie aan het geheel.